Print pagina
FAQ/Interpretatie
Toetspunten
Normtekst
Hoofdstuk 4 Eisen te stellen aan het proces
4.3 Sloopprojecten waarbij10m3 of meer materiaal vrijkomt
4.3.7 Behandeling vrijkomende materialen

De scheiding en inzet van vrijkomende materialen dient plaats te vinden conform het projectwerkplan, waarbij ten minste op de slooplocatie worden gescheiden en gescheiden worden afgevoerd de categorieën van vrijkomende materialen genoemd in het Besluit bouwwerken leefomgeving par. 7.1.5.; zie paragraaf 4.3.2). Dat betreft de volgende categorieën van vrijkomende materialen:


a.

als gevaarlijk aangeduide afvalstoffen als bedoeld in hoofdstuk 17 van de afvalstoffenlijst bedoeld in de Regeling Europese afvalstoffenlijst, voor zover deze stoffen niet in de onderdelen b tot en met j van dit lid zijn opgenomen;

b.

teerhoudende dakbedekking, al dan niet met dakbeschot;

c.

teerhoudend asfalt;

d.

bitumineuze dakbedekking, al dan niet met dakbeschot;

e.

niet-teerhoudend asfalt;

f.

vlakglas, al dan niet met kozijn;

g.

gipsblokken en gipsplaatmateriaal;

h.

dakgrind;

i.

armaturen;

j.

gasontladingslampen.

De hierboven onder e tot en met j genoemde vrijkomende materialen hoeven niet op de slooplocatie te worden gescheiden en gescheiden te worden afgevoerd voor zover de bij de sloop vrijkomende hoeveelheid van het betreffende sloopmateriaal per categorie minder dan 1 m3 bedraagt.


In afwijking van de eisen in deze paragraaf kunnen vrijkomende materialen op een andere locatie worden gescheiden indien het scheiden op de slooplocatie redelijkerwijs niet mogelijk is, onder de voorwaarde dat het bevoegd gezag op grond van het Besluit bouwwerken leefomgeving hiermee schriftelijk heeft ingestemd.


Vrijkomende materialen die als een afvalstof moeten worden aangemerkt, worden afgegeven aan c.q. afgevoerd naar een hiertoe op grond van de Omgevingswet bevoegde ontvanger [5].


Voorafgaand daaraan wordt conform het projectwerkplan gecontroleerd of deze voldoen aan de criteria van afnemers zoals bedoeld in hoofdstuk 5. Bij afvoer van de als afvalstoffen aan te merken vrijkomende materialen wordt deze controle door de verantwoordelijk conform de beschrijving in het werkplan geregistreerd.


Ingeval van weigering van vrachten door de afnemers en / of bij klachten van afnemers inzake de aard en samenstelling van de aangeboden materiaalstromen in relatie tot de criteria van afnemers, wordt de procedure in paragraaf 2.5.4 gevolgd en wordt nagegaan of er aanleiding is om de risicoanalyse zoals bedoeld in hoofdstuk 5 aan te passen.


Indien als onderdeel van de opdracht aan de sloopaannemer de vrijkomende steenachtige materialen ter plaatse worden bewerkt met behulp van een mobiele puinbreker, is daarop het Besluit bouwwerken leefomgeving van toepassing. De sloopaannemer bewaakt in dat geval dat wordt voldaan aan de volgende kernbepalingen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving voor de activiteit mobiel breken, par. 7.2 [6]:

  • dat het mobiel breken plaatsvindt op of in de directe nabijheid van de slooplocatie;
  • dat er geen steenachtige materialen van elders naar de slooplocatie worden aangevoerd;
  • dat de tijdsduur van inzet van de mobiele puinbreker op de slooplocatie niet langer is dan een aaneengesloten periode van drie maanden.

5 Hieronder wordt verstaan een bedrijf dat op grond van het Besluit Activiteiten Leefomgeving een vergunning heeft op basis van par. 3.3.1, par. 3.3.13, par. 3.2.15 of afdeling 3.5 voor het op- of overslaan, be- en / of verwerken, storten of verbranden van de desbetreffende sloopmaterialen.

6 Het voldoen aan de overige voorschriften uit het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijvoorbeeld ter zake omgevingshinder, valt buiten de reikwijdte van de BRL SVMS-007 en is de verantwoordelijkheid van de exploitant van de mobiele puinbreker.


Geldend vanaf 31-01-2017
Hoofdstuk 4 Eisen te stellen aan het proces
4.3 Sloopprojecten waarbij10m3 of meer materiaal vrijkomt
4.3.7 Behandeling vrijkomende materialen
Toetspunt
Schouwingslijst
BRL SVMS-007
Bedrijf D I
Project
Paragraaf
Toetspunt 076
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Vindt de scheiding en afvoer van materialen plaats volgens het projectwerkplan, waarbij ten minste aan de bron worden gescheiden en gescheiden worden afgevoerd de categorieën van materialen genoemd in het Besluit bouwwerken leefomgeving?
Bedrijf D I - -
Project A
Paragraaf 4.3.7
Toetspunt 077
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Worden bodem en omgeving beschermd tegen verontreiniging door de opslag van materialen op de slooplocatie?
Bedrijf D I - -
Project A
Paragraaf 4.3.7
Toetspunt 078
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Worden de materialen afgevoerd naar een bevoegde ontvanger?
Bedrijf D I - A
Project A
Paragraaf 4.3.7
Toetspunt 079
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Is voor afvoer aantoonbaar door de verantwoordelijke gecontroleerd of de materialen voldoen aan de acceptatiecriteria van afnemers en wordt dit aangetekend op de begeleidingsbrief?
Bedrijf D I - B
Project B
Paragraaf 4.3.7
Toetspunt 080
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Indien als onderdeel van de opdracht aan de sloopaannemer de vrijkomende steenachtige materialen ter plaatse worden bewerkt met behulp van een mobiele puinbreker, wordt bij mobiel breken van de steenachtige fractie op de slooplocatie voldaan aan de genoemde kernbepalingen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving voor de activiteit mobiel breken, par. 7.2?
Bedrijf D I - A
Project A
Paragraaf 4.3.7
Toetspunt 081
Schouwingslijst BRL SVMS-007 Wordt bij weigering van vrachten door of klachten van afnemers de klachtenprocedure gevolgd en wordt nagegaan of er aanleiding is om de risicoanalyse zoals bedoeld in hoofdstuk 5 aan te passen?
Bedrijf D I - B
Project B
Paragraaf 4.3.7
FAQ/Interpretatie
FAQ
Sloopaannemer heeft eigen sorteerlijn en kan dus beter daar sorteren in plaats van aan de bron. Mag dat?

In de eerste plaats dient voldaan te worden aan de bepalingen in de Regeling Bouwbesluit. Deze scheidingsvoorschriften staan expliciet in de BRL SVMS-007 opgenomen. Afwijken van de scheidingsregels in het Bouwbesluit 2012 mag alleen op basis van een ontheffing van de gemeente. De certificatie-instelling zal beoordelen of daaraan is voldaan.

Wat wordt verstaan onder de sloopmaterialen ‘armaturen’ en ‘gasontladingslampen’?

Zie voor de definities van deze materialen het interpretatiedocument SVMS-014.

Interpretatie
In deze paragrafen is een aantal sloopmaterialen voorgeschreven die gescheiden gehouden dienen te worden op de projectlocatie. Eén daarvan betreft een categorie j. gasontladingslampen. Wat wordt hiermee bedoeld en wat valt er onder?

Met gasontladingslampen wordt bedoeld tl-buizen, spaarlampen en andere kwik en natrium lampen (zoals bijvoorbeeld worden gebruikt in straat-, sport- en winkelverlichting). Hoewel LED lampen geen gasontladingslampen zijn, dienen

deze wel te worden ingezameld voor recycling. Dit is op grond van de WEEE regelgeving. 

In deze paragrafen is een aantal sloopmaterialen voorgeschreven die gescheiden gehouden dienen te worden op de projectlocatie. Eén daarvan betreft een categorie i. armaturen. Wat wordt hiermee bedoeld en wat valt er onder?

Een armatuur is een draagconstructie voor één of meerdere lichtbronnen. Een armatuur bevat een fitting voor een lichtbron. Armaturen kunnen aan de muur of aan het plafond bevestigd worden en op of in de grond. Het is het onderdeel van de verlichting waaraan een lichtbron of lamp kan worden bevestigd (zie 17-02 voor het type lampen). Een armatuur betreft tevens de voorschakelapparatuur, snoer, stekker en de gehele behuizing.

Lampen kunnen ook vast gemonteerd zijn in de armatuur.